Meisje van om de hoek

Over “Meisjes van bij ons” krijg ik vaak te horen dat het toch bewust schatplichtig is aan “Sultans of Swing”, of niet soms? Neen dus, al hoor ik net als iedereen de herkenningspunten. Het is inderdaad één van mijn favoriete poprocknummers aller tijden, maar pas tijdens het arrangeren van MVBO kwam die invloed aan de oppervlakte. Een andere invloed, die nog dieper verborgen zit en nog veel minder cool is dan de Dire Straits, is Sjakie van de hoek van Conny Vandenbos. Vandenbos haar oeuvre zit in dezelfde traditie als Nicole & Hugo, het opgewekte en soms melancholische levenslied, dat echter steunt op flink uitgewerkte poparrangementen die veeleer aanleunen bij de Angelsaksische pop dan bij de Duitse fanfare of het Franse chanson. Luister naar de elektrische gitaren of banjo’s die regelmatig hun opwachting maken naast de obligate James Last-achtige violen.

In de mainstream van de jaren 70 had je die typische mengeling van strijkers, piano en ritmegitaar, die onder meer in het werk van Neil Diamond de dienst uitmaakte. De alternatieve poprock was intussen al tien jaar opgeschoven naar gevaarlijke gitaren, rauwe stemmen, experimentele structuren en elektronische klanken. Het zoetgevooisde stemgeluid van Conny Vandenbos en de bescheiden, klassiek verantwoorde orkestratie op de achtergrond, klonk daarom zelfs toen al hopeloos ouderwets. Toch kan je dit oeuvre niet zomaar op de hoop gooien van de talloze inwisselbare schlagerzangers. “Weet je wat we doen”, “Ome Arie” en “Een roosje, m’n roosje” zijn tamelijk unieke invullingen van klassieke onderwerpen. Lyrisch is dit niet inferieur aan veel pretentieuzere poprock, maar de gladde uitwerking doet de liedjes kleffer klinken dan ze verdienen.

De lyrische rijkdom is niet te verwonderen als je weet dat één van de leveranciers Kees Van Kooten was. Hij zette de thematiek van de veertiger die de huiselijkheid ontvlucht op tekst in “De Noorderzon Scheen”, in een vrije vertaling van Michel Delpech zijn “Ce lundi-là”.

De hofleverancier was Herman Pieter de Boer, die naast het gros van haar repertoire vooral actief was als liedjesschrijver van Kinderen voor kinderen. En inderdaad, daar hoor je dezelfde mengelmoes van opgewekte, ritmische, soms melancholische en (helaas) gedateerde liedjes over wat mensen bezighoudt, groot en klein.

De huidige muzikale scene is natuurlijk helemaal gedementeerd. Ik verwacht niet dat jongeren, die worden grootgebracht met “Dance the night away” van Jennifer Lopez als norm, het subtiele verschil tussen schlagers, levensliederen, kleinkunst of ander nederlandstalig werk nog kunnen proeven. Het heeft ook geen zin me af te vragen waar dit genre is gebleven, want de tsunami van ge-autotunede rip-offs heeft alle muzikale architectuur omver gespoeld. Toch intrigeert het mij dat het net iets intelligentere levenslied zo weinig vertegenwoordigers kent in Vlaanderen. Will Tura is een kandidaat, maar muzikaal zit hij meer in de hoek van het Franse chanson, dat niet de verfijnde akkoordenstructuren kent van de Angelsaksische folktraditie. Nederland had Rob de Nijs, Lenny Kuhr, Gerard Cox of Astrid Nijgh. We sluiten het doek met “Liefste” en horen zwemen van Robert Kirby‘s onvolprezen strijkarrangementen.

Een gedachte over “Meisje van om de hoek

  1. Misschien goed om te weten dat er begin mei 2017 een cd-box uitkomt met het gehele oeuvre van Conny Vandenbos. Alles wat zij ooit in een studio opnam tussen 1961 en 2001! 306 liedjes, waarvan ruim 90 nooit eerder op CD verscheen en 35 nooit eerder zijn uitgebracht.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *