Les plates chansons qui sont les notres

Gisteren was het onze Vlaamse nationale feestdag. Ik had eerlijk gezegd meer feestgedruis verwacht, maar kennelijk treedt de vermoeidheid niet alleen op bij de enkelingen die, weze het pro forma, België proberen in stand te houden, of anders staat de Vlaming, getrouw aan zijn volksaard, in de file op de Autoroute du Soleil, of in het ergste geval heeft hij pech onderweg en moet hij uit de diepste krochten van zijn geheugen enkele Franse woorden opdiepen om de dépanneur welwillend te stemmen. Neen, als je zo met een fluo hesje langs het verhitte asfalt staat te wachten is het niet het juiste moment om de verknechting te weerstaan. Je kan nog proberen in het Engels, want in Frankrijk beginnen ze stilaan hun plaats te kennen, al zal je toch het verst raken met de taal van Molière, Milquet en Maingain.

Er klonk dus weinig hoorngeschal door het Vlaamse dal, en evenmin wapperde de vaan uit elk Vlaamse raam. Op VTM was er daags voordien een show te zien met een vuistgreep  aan Nederlandstalige muziek, waarbij me vooral opviel hoe zangers en zangeressen van alle leeftijden zich conformeren aan de nieuwe zangstijl die is afgestemd op de overgecomprimeerde, keiharde klank bestemd voor gsm-oortjes. Koen Wauters, Free Souffriau, Arne, Jelle Cleymans … ze hebben allemaal dat plexiglazen stemgebruik waaruit wat mij betreft alle warmte en subtiliteit verdwenen is.

Zo’n 11 juli is dan weer een leuke gelegenheid om eens een overzicht te maken van alles wat we aan lofliederen hebben op het Vlaamse land, dat vlakke land, dat Vlaanderland. De kleinkunst en het Vlaams nationaal zangfeest hebben altijd een wat stroeve verhouding gehad, maar als een liedschrijver de lof zingt van zijn geboortestreek, dan is de brug naar het nationalisme snel geslagen. We doorlopen het spectrum, te beginnen bij het krijgshaftige uiteinde.

1. De Vlaamse Leeuw (Van Peene/Miry)

Hier valt maar weinig toe te voegen aan wat men al weet, of kan lezen op de Wikipedia. Het opmerkelijkste gegeven vind ik wel dat het tekstueel niet zozeer gericht is tegen de Belgische staat, maar eerder de vrijheid benadrukt tegenover Frankrijk. Muzikaal leunt het lied volgens sommigen aan bij de Marseillaise en de Brabançonne, vanwege het gepunteerde ritme, terwijl ik vooral de maatsoort van 6/8 onderscheid.

2. De Blauwvoet (Rodenbach/Hullebroeck)

https://www.youtube.com/watch?v=QXhA7bLu4dM

Binnen Vlaams-nationale kringen gaan dan ook stemmen op om de Vlaamse Leeuw te vervangen door De Blauwvoet, getoondicht door Albrecht Rodenbach en Emiel Hullebroeck. Wat mij betreft is dit ook gepunteerd en gesyncopeerd, maar ik kan wel akkoord gaan dat deze 2/2 Germaanser aandoet dan de eerder Romaanse 6/8 van de Vlaamse Leeuw.

3. Vlaanderen m’n vaderland (Jan Puimège)

Deze vroeg gestorven missing link tussen de Voorpost en Bart Peeters klinkt nu behoorlijk gedateerd en zelfs wat vals, waardoor ik me afvraag of laureaten van de Jan Puimège-prijs de trofee op de schouw zetten of gebruiken als de kattenbak vol is maar het buiten regent. Zie ook onze eerdere bijdrage over deze merkwaardige schakel in de lyrische ketting.

4. M’n vlakke land (Van Altena/Brel)

De verfransing van Vlaanderen mag dan anno 2011 een achterhoedegevecht lijken, dat met terugwerkende kracht een fiere opstandigheid teweegbrengt in ons politieke spectrum, ooit was het een realiteit. De liefde voor Vlaanderen werd dus in het Frans bezongen door wellicht de grootste toondichter die Vlaanderen ooit heeft voortgebracht, Jacques Brel. Er moest een Nederlander aan te pas komen om dit meesterstuk van vaderlandslievende poëzie om te zetten in de moedertaal. Veel ironischer wordt het niet.

5. Vlaanderen mijn land (Will Tura)

https://www.youtube.com/watch?v=yCuY_z4Bnx8

De volkszanger die Vlaanderen zonder bijgedachten aan het hart heeft gedrukt, als een echte zoon van het kerelsvolk, kan natuurlijk niet ontbreken. Deze tijdsgebonden mengvorm van pop en marsmuziek, met trompetten en gitaren, klinkt mij schatplichtig aan Franse variétérock à la Claude François en The Poppys, en lijkt niet bestemd voor de eeuwigheid.

6. Vlaanderen boven (Raymond van het Groenewoud)

https://www.youtube.com/watch?v=pJTrak8ympE

Als ik mag kiezen, dan is “Vlaanderen boven” het Vlaamse volkslied. Hiermee voel ik me echt verwant. Waar Brel en Tura niet veel verder komen dan de natuurelementen, zie ik de werkelijke volksaard van de Vlaming weerspiegeld in dit schelmachtige lied, met die wankele maar scherpgestelde balans tussen zelfspot en trots. Het is ook een vrolijke deun: hier niet de dramatische heldhaftigheid van de nationale mars, maar ook niet dat weemoedige gecalimero dat onze welvaart al lang zou moeten afgeworpen hebben, noch de uitgepuurde zelfverloochening die je terugvindt in …

7. M’n Vlaanderland (Willem vermandere)

https://www.youtube.com/watch?v=i5o4G3G-VTA

Dit is me dus net iets te veel van de zelfrelativering die Raymond nog behoedde voor overmatige heimatlof. Bij Vermandere is het al regen en modder, buiten op straat en in de velden, maar evengoed in de ziel van de mensen. Zo triestig zijn we nu toch ook niet, ondanks eeuwen van al dan niet vermeende overheersing en nu al een dik jaar verweesd in een staat zonder regering.

Een gedachte over “Les plates chansons qui sont les notres

  1. Dit is maar weer eens een prachtig gedocumenteerd overzicht van onze Vlaamse Blijvers. Ik heb het niet zo begrepen op een Vlaamse Staat, maar mocht er met de tijd toch een volkslied moet gekozen worden ben ik het volmondig eens met de keuze voor Raymond. Door te sturen naar De Wever, dan houdt hij zich toch eens nuttig bezig.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *