De beste singer-songwriter van Vlaanderen (3) – uw reporter beetgenomen

We weten intussen wel dat reality tv en wedstrijden behoorlijk doorgestoken kaart zijn. Een programma dat zich richt tot liefhebbers van muziek met hersens, zou anderzijds wel wat beter zijn best mogen doen de kijker niet te beledigen. In aflevering 3 hadden ze de beste kandidaten gestopt, om dan achteraf collectief te staan pruilen dat ze er 5 moesten uitzwieren. “Fok it”, vloekte Lisa hip en braaf, “we zeggen foert tegen de regels. Wij zijn toch de jury?” “Ik vind foert sowieso een goeie attitude” loog Sarah Bettens, die niet foert had gezegd toen ze haar gevraagd hadden de street credibility van het melige concept te komen opvijzelen. Bettens zit nu al wekenlang dromerig te glimlachen in de jury-zetel, wellicht mijmerend naar haar eigen eerste stapjes in de muziekwereld, of zich afvragend wat er precies is gebeurd toen ze haar roeping als brandweervrouw verliet om in een format te zetelen als de eerste de beste BV. Geert Hoste zou opperen dat ze misschien vuur miste in haar leven.

Het flink gerepeteerde foert resulteerde in een extra kandidaat die door mocht naar de volgende ronde, zodat ze ook daar met 7 zijn en het format rustig kan verder kabbelen. Zoals in het scenario staat op bladzijde 53 bovenaan, waren de laatste drie een jongen op gitaar, een meisje op piano en Ricardo, een Gabriel Rios in het diepst van de jury haar gedachten.

Tenminste dat zat ik allemaal te denken, toen nog een vierde kandidaat werd toegelaten: Barbara, nog een meisje op gitaar. Dat was niet eens nodig geweest, niet voor de balans in de groep, niet voor de leeftijd, niet voor de stem of de gitaar, of voor de song, of voor het oog … maar misschien wel voor alles tezamen, en daarom geloofde ik plotseling wél dat de jury foert heeft gezegd tegen het scenario, dat de kandidaten wat onoordeelkundig in drie groepen waren gestopt, en dat Sarah Bettens daar echt zit te luisteren met een hart voor muziek.

In die laatste aflevering zaten ook de Nederlandstaligen. Niet mijn vriend Wim – die afhaakte om redenen die in vertrouwen zijn verteld – maar wel Koen Deca, met ditmaal een Caféwals om zijn kandidatuur kracht bij te zetten. De song was vanzelfsprekend niet zo persoonlijk als “Jongen”, dat hij gebruikte in de preselectie. Prima pianobegeleiding, hese stem, goed entertainment en heel erg oprecht vond ik hoe hij de andere muzikanten erbij haalde. Spijtig dat hij niet mee mag. Voor de balans was het net wel goed geweest: Nederlandstalig, al een beetje ouder maar niet op retour, een ander soort teksten en helemaal niet slecht.

Debbie was de andere Nederlandstalige. Misschien wordt sezij wel de winnares, op ne zekeren dag, als ze tenminste een eigen stijl ontwikkelt en niet voortbouwt op de kavel van Mira en Hannelore Bedert, met dat al te nadrukkelijke tussentaaltje (dat bij Mira werkt omdat ze de eerste was en omdat ze verdomd goeie teksten schrijft). Enig hoe Koen Deca voor de enige wanklank zorgde in de wederzijdse lofbetuigingen van de kandidaten. “Ge hebt zo van die vrouwen die afstuderen aan de toneelschool, en die blijken dan ook heel goed piano te spelen, en die besluiten dan ineens liedjes te gaan schrijven. Dat is niet voor iedereen een even goed idee.” Patat! En die kerel sturen ze naar huis! Nee, de scenaristen hebben duidelijk niks meer in de pap te brokkelen. Ik had Koen Deca wel eens een duet willen zien schrijven met Debbie. “Dus Koen, gij vindt da mijne muziek …” – “Kom Debbie, we hebben maar een uur meer, wat dacht ge van D-G-A als akkoordenprogressie in 3/4?” – “Neenee, Koen, wat was dat van die toneelschool?”

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *