Le génie du Connemara

Vandaag stond ik bij Speedy een kapotte band te laten herstellen. Ik stond er dus bij en keek er als het ware naar. De radio speelde nostalgische platen, zoals overal tegenwoordig, want omdat de popmuziek niets meer om het lijf heeft stemmen we met z’n allen af op 103.5

De onvermijdelijke Michel Sardou kwam aan de beurt en de werklui zetten het op een vrolijk fluiten, met brugjes erop en eraan. Al even onvermijdelijk was de grap: “Hey Kris, hebt ge gene zakdoek?” Kris grijnsde en werkte fluitend verder.

https://www.youtube.com/watch?v=l11GyqVu_-o

Les Lacs du Connemara is inderdaad bekend van vele trouwpartijen en is aldus musica non grata bij elke zichzelf respecterende muzieksnob. De muzikant die dit lied bestudeert, zal echter vaststellen dat het een allesbehalve triviale akkoordenprogressie bevat, die haast onmerkbaar moduleert en dit tot vele malen toe.

Die onmerkbare modulatie is het geheim van het succes van dit lied: het trekt de argeloze luisteraar omhoog in een spiraal van toenemend enthousiasme, zonder dat het als de eerste de beste schlager een flagrante ruk geeft van één hele toon. Zoals dat heet. In muzikantenmiddens. Daarmee is de cirkel rond en wordt het lied gesmaakt bij plebs en hooggeschoolden, terwijl de melomane middenklasse zich afkeert van deze diamant. Zij dwalen en kunnen in dit artikel toch nog vernemen hoe dit geval van hoge karaats zich technisch voltrekt.

Voor het gemak doen we alsof dit lied begint in D, de toonaard re-groot. In werkelijkheid staat het in D#. Niets dat een kapodaster niet vermag. De eerste strofe heeft dan volgende progressie:

D – D – D – G

D – D – D – A

Bm – Bm – Bm – Bm

A – A – A – A

Em – Em – Em – B7

Em – Em – Em – B7

Em – Em – Em – Em

A – A – A – A

Niets spectaculairs aan de hand: we starten het eerste deel met de tonica (D) en eindigen op de dominant (A), onderweg passerend langs de subdominant (G) en de 6de trap (Bm).  In het tweede deel zit al een modulatie verscholen, want de korte B7, als dominant in de kleine toonladder van mi, geeft het gevoel dat we in die toonladder zitten, met Em als tonica. We eindigen met A, de subdominant in die toonladder en de dominant van D. De strofe wordt dan in zijn geheel herhaald, maar in snel tempo.

De inwendige modulatie en het versnelde tempo zetten de luisteraar op zijn paard, klaar voor een dolle rit. Dit wordt nog verstevigd door het marsritme, waarbij de korte overgangsakkoorden aan het einde van elke lijn in de melodie een triool krijgen. Dit triool hoor je onder meer in de  eerste drie lettergrepen van “Co-ne-ma-raaaa”.

De galop breekt los in de overgang naar de derde strofe. De melodie eindigt op la, de grondtoon van het dominante akkoord A. Die noot wordt aangehouden en overgenomen als derde toon in de grote toonladder van fa, met F als tonica. F heeft fa-la-do als opbouw.

Hiermee moduleren we dus van D (re) over Em (mi) naar F (fa). Het hele schema wordt nu herhaald in F en we passeren dus naar Gm in het tweede deel van de derde strofe. De kudde is hiermee hol geslagen.

F – F – F – Bb

F – F – F – C

Dm – Dm – Dm – Dm

C – C – C – C

Gm – Gm – Gm – D7

Gm – Gm – Gm – D7

Gm – Gm – Gm – Gm

C – C – C – C

En dan gaan we vliegen! Aan het einde van de derde strofe zitten we in de dominant van F en dat is C. Hier past de componist een chromatische modulatie toe van één secunde, naar C#. Die ietwat vuile truuk valt echter niet op omdat de melodie helemaal van ritme verandert.

Elke huwelijksveteraan zal bevestigen dat die trage brug het minst gemakkelijke stuk is om mee te zingen en dat is van geen wonder want de componist fantaseert hier vrolijk op los, hoewel we de hele tijd in C# blijven en eindigen op G#.

C# – C# – G#7 – G#7
Bb7 – Bb7 – Bb7 – Bb7
Ebm – Ebm – Ebm – Ebm
C# – C# – G#7 – G#7
Bbm – Bbm – Bbm – Bbm
F – F – F – F
F# – F# – F# – F#
F – F – Bbm7 – Bbm7
Ebm – Ebm – Ebm – Ebm
G#7 – G#7 – G#7 – G#7

Het einde van die trage brug is de noot re#, de tweede toon in de ladder van C# en op die noot start de volgende fase van het lied: strofe vier die de tekst van strofe 1 herhaalt. Dit doet ons de overgang aanvaarden naar het akkoord B als tonica, waar re# (of mi-mol) de derde toon in de ladder is.

We zitten nu dus in B. Ongelooflijk. We weten dat we in deel 2 naar C#m gaan en in strofe 5 in D! Hiermee zitten we terug in de oorspronkelijke toonaard en kan alles van vooraf aan beginnen. Inderdaad, er komt nog een strofe in F aangebreid om dan weer de lange brug te maken in C#.

De componist van al dit geniaals is Jacques Revaux. Hij schreef nog andere liedjes, zoals het u misschien niet onbekende “Comme d’habitude”, later nog vertaald als “My way”.

https://www.dailymotion.com/video/xcmzjy_jacques-revaux-compositeur-de-comme_music

https://www.dailymotion.com/video/xcmzma_jacques-revaux-compositeur-de-comme_music

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *