Alle berichten van Dieter

Het Gentse volkslied in de Ghelamco-arena

Om het 250ste artikel op deze blog te vieren, doen we het populairste item van de voorbije zes jaar nog eens over. Op 25 mei 2011 publiceerden we namelijk “Het Gentse volkslied in het Ottenstadion“. Dat werd sindsdien meer dan 6000 keer gelezen, onder meer dankzij een opstoot van belangstelling voor dit onderwerp op 21 mei van dit jaar, toen Het Nieuwsblad onze site opgaf als bron voor hun bloemlezing . De übertroef van het nieuwe AA Gent is zonder twijfel de verhuizing naar de Ghelamco-arena dus een actualizering van ons artikel dringt zich op. Lees verder Het Gentse volkslied in de Ghelamco-arena

Frans Ieven of het wonder van het arrangement

In onze reeks Hoe schrijf ik een lied heb ik al gewezen op het belang van een arrangement. Sommige liedjes die in ons collectief geheugen zitten gegrift, ontlenen hun kracht niet alleen aan de tekst of de melodie, maar ook aan het arrangement. Zo’n lied is “De zotte morgen” van Zjef Vanuytsel. Lees verder Frans Ieven of het wonder van het arrangement

De beste riff ter wereld

Af en toe duikt in mijn hoofd de riff op die Willy Willy bedacht voor “Robbin’ the liquor store“. Ik vind het een van de beste riffs aller tijden. Als de Rolling Stones hem hadden bedacht, was hij goed geweest voor een paar miljoen. Nu blijft de winst beperkt tot wat Vlaamse klei. Niettemin: een gouden riff.

Nog zo eentje die om de zoveel tijd in mijn brein opduikt is “Bittersweet symphony” van The Verve. Daar zit een gek plagiaatverhaal achter: de eigenlijke bedenker van die deun is Andrew Oldham, in zijn bewerking van “The Last Time” van de Stones, maar zijn advocaten waren wat goedkoper dan die van Jagger & Richards.

Je denkt soms, nu moeten de riffs toch op zijn? Dat dacht ik echt tot ik Seven Nation Army hoorde van de White Stripes.  Toen dat monster van een riff de wereld door mekaar schudde, was ik er weer van overtuigd dat de mogelijkheden eindeloos blijven. Nu ik dit schrijf en het Internet nog breder is dan in 2004, kom ik erachter dat Jack White de riff heeft gejat van Anton Bruckner zijn vijfde symfonie. En dan ga je toch weer twijfelen. Niettemin heeft White van Bruckners beweginkje de kern gemaakt van een rockhymne. Eén die in stadions wordt meegebruld bovendien.

De riff der riffs, die alle eigenaars van gitarenwinkels doet wanhopen, is er een van … Astrud Gilberto. Niet overtuigd? Hier is Maria Moite:

Verbaasd door al dat vermeende plagiaat, heb ik flink gezocht naar een voorganger van Willy Willy’s riff in Robbin’ the liquor store. Ik heb niks gevonden. Bij deze roep ik hem dus uit tot De Beste Riff Ter Wereld.

(Naar het schijnt is de headliner van Rock Werchter 2015 ook erg goed in riffs. Ik heb nog niks beluisterd van Royal Blood – mijn early adopter days liggen lang achter me – maar het zal er toch eens van moeten komen.)

Zeven jaar

Acht jaar geleden bracht Peter Fox zijn even onverwachte als zielstrelende hit “Haus am See” uit. Een Duitse oorwurm, dat was bijna geleden van “Du”, ook al van een Peter. Zeven jaar geleden werd het met een jaar vertraging populair in de Lage Landen. Doorgaans heeft den Duits nochtans niet zoveel tijd nodig om onze grenzen over te steken (altijd moeilijk dit te laten liggen). Lees verder Zeven jaar