Tagarchief: technieken

De klassieke redenaar Dave Grohl

Dave Grohl was de drummer van Nirvana en is nu de zanger-gitarist van de Foo Fighters. Uit het filmpje hieronder zouden we kunnen besluiten dat zijn grootste talent ligt in het voeren van een klassieke rede. Het SXSW-festival (South by Southwest) in Austin vroeg hem als “keynote speaker”. Sinds TED is vrijwel iedereen keynote speaker en in één moeite door stand-up comedian. Ik krijg er wel eens een punthoofd van. Dave Grohl is echter uit het beste redenaarshout gesneden. Hij legt in de aanzet zelf uit hoe dat komt. Ja, hij maakt grapjes, maar dat is maar één van de vele technieken. Deze redevoering is technisch zo goed, dat ze gerust naast die van Obama, Mandela of Martin Luther King mag staan, ook al is het onderwerp en de persoon wat minder belangwekkend. Kijk en geniet. In het vervolg van dit artikel ontleed ik de redevoering tot op het bot. Lees verder De klassieke redenaar Dave Grohl

Een analyse van humor aan de hand van het repertoire van Flight of the Conchords (2)

Dit is het tweede deel van de analyse van humor aan de hand van het repertoire van Flight of the Conchords. Zie deel 1.

2. Technieken voor herkenning en vervreemding bij FotC

Herkenbare motieven

Flight of the Conchords

Dagelijkse taferelen zorgen voor herkenbaarheid. Bv: in “Jenny” doet Jemaine alsof hij weet waarover de conversatie gaat en komt daardoor in een alsmaar hachelijker positie, omdat hij Jenny en zichzelf niet in verlegenheid wil brengen. Die situatie is erg herkenbaar, en wordt in “Jenny” overdreven.

Woordspelingen

Woordspelingen creëren een associatie via de vorm, terwijl de inhoud geen verband toont. Het vervreemdingseffect na herkenning zorgt voor de “dubbele binding”. Bv: “your motherboardfucking systems” in The Humans are Dead, dat overigens teert op het taboe op scheldwoorden.

Imitatie

Imitatie zorgt voor associatie. Doordat de imitator echter niet de geïmiteerde persoon zelf is, treedt vervreemding op. Jemaine gebruikt vooral veel stemwisselingen om te associëren met soorten zangers, of een verteller, of een soort personage. In “Albi” gebruikt hij een hoog stemmetje, om een licht antipathiek slachtoffer neer te zetten.

Klanknabootsing of klankassociatie

In “Albi” is er een associatie van een gitaarakkoord met het beeld van een regenboog.

In “Mermaids” is er de woordelijke klankassociatie “mermaid murmured”.

Contrast of tegenstelling

Een contrast zorgt tegelijk voor een identificatie en een afstand. In een ruzie bijvoorbeeld zal de toeschouwer geneigd zijn partij te kiezen. Door zich te herkennen in de ene partij, vervreemdt hij zich van de andere. In “Jenny” heeft het (mannelijke?) publiek sympathie voor de onhandige  man, terwijl het morele recht bij de vrouw ligt.

Omkering

De herkenning van een waarheid, maar vervreemding door de omkering van die waarheid. FotC doen ons dikwijls sympathiseren met de verkeerde persoon.

  • Simpel voorbeeld: “we weten allemaal dat Nederlanders kleine mensen zijn”
  • In “Bowie” pretendeert Bret dat hij Bowie zijn eigen songs heeft aangeleerd.
  • Een omkering in “Albi”: “you left me disfigured … laughed the boy”

Overdrijving en understatement

Dit zijn de twee richtingen waarin een waarheid disproportioneel wordt voorgesteld. Er is dus een associatie met de waarheid, maar een vervreemding door de disproportie.

  • “The most beautiful girl in de room” is een constant understatement.
  • In “Business time” komt de zelfspot door de man die zijn seksuele prestaties overdrijft, terwijl het publiek goed weet dat die niets voorstellen.

Verrassing, onverwachte sprong of wending

Het verhaal is herkenbaar. Het publiek loopt vooruit op de gebeurtenissen. Plots treedt de verrassende wending op en vervreemdt het publiek. In “Albi” begint het verhaal met  “Part 6”. In “Issues” blijken de kinderen van Bret imaginair.

Absurditeit

Absurde humor mikt bijna volledig op het vervreemdingseffect, door een foute of onvolledige logica door te trekken. Door de minimale associatie zal men absurde humor vaak als “niet grappig” ervaren. In “issues” doen FotC alsof “your childrens’ childrens’ children” leidt tot erg kleine kinderen, alsof kinderen niet groeien en ze altijd kinderen blijven. Dan volgt de associatie met baboesjka’s.

Verandering van context

Verandering van plaats, tijd of andere context: een Afrikaan in een iglo, een ridder met een horloge, een vergadering van zakenlui in zwembroek, een hangjongere die spreekt als een nieuwslezer.  In “The humans are dead” maken we een tijdreis naar een toekomst, waar robots kunnen spreken en menselijke trekken vertonen, zoals leedvermaak. In “Bowie” maken de heren een ‘trip’ naar het verleden.

Spot

Bijna alle humor is spot. Ik vermoed zelfs dat “spot” en het Engelse woord “spot” dezelfde etymologie kent. “To put  someone on the spot” is letterlijk iemand op een/zijn plaats zetten. In “spot” neemt men een plaats in vanwaaruit men iets of iemand anders bekijkt. Ofwel kijken komiek en publiek samen naar iets anders, ofwel zet de komiek het publiek bij het bespotte, ofwel zichzelf bij het bespotte (zelfspot). Afhankelijk van de graad en de gebruikte technieken spreekt men over satire, parodie, ironie, sarcasme of cynisme.

Zelfspot is een vaste ingrediënt bij FotC. Die vorm maakt gebruik van het comfort dat het publiek zeker weet dat zij het niet zijn die bespot worden. Men krijgt toelating van de andere om met hem te spotten. Dat is een vorm van omkering.