Het geprononceerde midden van mahonie

Toen ik onlangs tegen beter weten in nog eens op 2dehands.be ging kijken of er  een Seagull of Blueridge op de kop te tikken viel (mijn eigen exemplaren vergaren stof), stiet ik op deze aanprijzing:

“De gitaar heeft een heel directe aanslag door de stijve nek en de hele dunne semi-gloss coating. De sparren top is door het spelen veel opener gaan klinken. Het karakter van de mahonie klinkt mooi door in de klank, met een geprononceerd midden en piano-achtige hoge tonen. De lage tonen zijn gecontroleerd aanwezig, heel strak. Ik vind de klank mooier dan die van een Martin D-18, die naar mijn gevoel te modderig is in de bassen.”

Meer dan gitarist ben ik een skeptische geest en hoewel ik ook wel vatbaar ben voor de romantiek van vakmanschap, kwaliteit en traditie, overschreed deze prietpraat toch de grens van mijn inlevingsvermogen. Gaandeweg heeft de gitaarmarkt en zijn tweedehandsderivaat een taaltje ontwikkeld dat niet moet onderdoen voor de wereld van hi-fi geluidsinstallaties of exclusieve wijnen. In al die industrieën is de grens van het menselijke onderscheidingsvermogen al lang bereikt en dus moeten de grote prijsverschillen verklaard worden met steeds exquisere terminologie.

De directe aanslag, de al dan niet gloss coating, het karakter van deze of gene houtsoort … het is prachtige kringloopmarketing maar de beste verkoopsmeme is toch wel dat de bovenkant “opener is gaan klinken door het vele spelen”. Een goede gitaar wordt immers beter met de jaren, tenminste dat beweert iemand die ze beu is maar niet bereid is om veel in te boeten op de aankoopprijs.

Al die onzin houdt natuurlijk nooit stand onder blinde testen. Er is één aspect dat voor de grootste leek een hoorbaar verschil zal maken en dat is de techniek van de gitarist. De meeste mensen zullen ook het verschil horen tussen versleten snaren en nieuwe snaren. En als een Larrivee of een Furch van enkele duizenden euri een jaar in een vochtige kelder hebben doorgebracht, zullen ze slechter klinken dan een Yamaha die van de fabrieksbanden rolt.

Misschien dat een testgroep van fijngevoelige gitaarliefhebbers geblinddoekt een Larrivee of een Furch kan onderscheiden van een Stagg of een Cort. Misschien dat er op de wereld mensen rondlopen die weten hoe een Santa Cruz klinkt en hoe een Ibanez klinkt. En misschien zijn die mensen ook bereid om 3500€ voor de ene te betalen en 350€ voor de andere. Maar ik zou zelf de test niet willen doen op straffe van ruil. U leest het goed: zelfs als ik mijn dierbare Blueridge, herbesnaard en gestemd, minder goed vind klinken dan een wit product, dan nog ruil ik ‘m niet. Die palissander hals met paarlemoeren inleg, die heldere hoge tonen en die geprononceerde bassen, zonder al te modderig midden, weet je wel …

Als de wetenschap zich met meetbare verschillen bemoeit, komt men bij eerder verrassende maatregelen uit. Een Gentse instrumentenbouwer zocht het voor zijn cello niet in mahonie, spar of pereboom maar in … piepschuim.

http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/programmas/journaal/2.39307

Om te weten of piepschuim van langsom opener gaat klinken, zullen we wel eerst een nuchtere cellist moeten vinden die het ding in weerwil van romantiek en traditie wil bespelen.

 

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Recente blogartikels

Geen categorie

Aan Ramona

Ramona kom dichter bij mij, sluit je vochtige ogen Laat je zintuigen vrij en je droefheid is weldra vervlogen De …

Lees verder
beschouwingen

Bob Dylan, Remco Campert, Marc Didden en Pat Donnez

Op Klara ontving Pat Donnez deze morgen filmmaker, recensent en cultuurliefhebber Marc Didden. De gast liet dingen horen die hem …

Lees verder
concerten

Welkom in het huis van Bart & Linde

Stanza mocht het verjaardagsfeest opluisteren van Bart en Linde, uit Mariakerke (aan zee). Zij vonden het erg leuk en wij …

Lees verder

Stanza bij u thuis?

Wil je een huiskamerconcert van Stanza bij jou thuis?